Weer

Weerkaarten

Algemene luchtgesteldheid boven Europa

Tussen hogedrukgebieden boven de Britse Eilanden en het noorden van Scandinavië zit dit weekend nog een hoogtedepressie geprangd die begin volgende week een alliantie aangaat met een Russische hoogtedepressie om dan uiteindelijk als hoogtevore over West- en Centraal-Europa te trekken richting Oost-Europa.

Aan de voorzijde van de West-Europese hoogtedepressie bevindt zich een storing die van over West-Europa naar Centraal- en vervolgens Oost-Europa en Turkije geduwd wordt. Achter die storing verovert frisse en licht onstabiele polaire lucht een groot deel van Europa met maxima die doorgaans tussen 8 en 15 graden uitkomen. In de bergachtige gebieden van Centraal- en Oost-Europa valt bij momenten dan winterse neerslag. Voor de storing uit tekenen ze daar eerst nog maxima op van 15 tot 20 graden.

Tegen midden volgende week ontwikkelt zich, in het kielzog van de hoogtevore, een vrij krachtig hogedrukgebied in de buurt van Schotland en de Faeröer. Dit zorgt dan in West-Europa voor veel zon en een oostelijke tot noordoostelijke wind. De temperaturen lopen in de Benelux, het westen van Duitsland en het noorden van Frankrijk dan tijdelijk op tussen 15 en 20 graden.

Op het Iberisch Schiereiland en in het zuiden van Frankrijk is het warm en vaak zonnig met binnenlandse stapelwolken en kans op een lokale regen- of onweersbui. De maxima schommelen er tussen 20 en 30 graden.

Legende van de frontkaarten

 

Oranje visgraatlijn: "convergentielijn" => duidt een zone aan waar de wind aan de oppervlakte samenstroomt. Deze convergentie aan de oppervlakte wordt geassocieerd met verticale opwaartse bewegingen, die vaak aanleiding geven tot een buienlijn of onweer. De convergentie kan in verband worden gebracht met twee samenkomende windfluxen, elk vanuit een verschillende richting, of met de aanwezigheid van een luchtlaag die warmer en vochtiger is dan zijn omgeving (thermische vore of thermisch lagedrukgebied).
Zwarte stippellijn: "trog"=> veroorzaakt verticale opwaartse bewegingen en leidt vaak tot stortbuien en/of een intensivering van de onweersactiviteit. In een trog is meestal een buienlijn aanwezig.
Rode lijn met halve cirkels : "warmtefront" => aanvoer van warmere lucht die vaak aanleiding geeft tot de vorming van een wolkenzone, die gepaard gaat met neerslag. Het front omvat de grens tussen de aangevoerde warme lucht en de koude lucht waarvan hij de plaats zal innemen. De positie van de halve rode cirkels toont de richting van de verplaatsing van het warmtefront.
Blauwe lijn met driehoeken : "koudefront" => aanvoer van koudere lucht die vaak aanleiding geeft tot de vorming van een wolkenzone, die gepaard gaat met neerslag. Het front omvat de grens tussen de aangevoerde koude lucht en de warme lucht waarvan hij de plaats zal innemen. De plaatsing van de driehoekjes duidt de richting aan waarin het koudefront zich verplaatst.
Paarse lijn met driehoeken en halve cirkels : "occlusiefront" => resultaat van de fusie tussen een warmte- en een koudefront. In het algemeen beweegt een koudefront sneller dan een warmtefront. Het haalt het warmtefront in om een uniek wolkensysteem te vormen, dat vaak aan de bron van neerslag ligt.
Afwisselend rode/blauwe lijn : "stationair front" => stationaire grens tussen een koude en een warme luchtmassa. De warme lucht bevindt zich achter de rode halve cirkels en de koude lucht bevindt zich achter de blauwe driehoeken.

Cookies opgeslagen